Eisen en hinder
Geluid en trillingen neemt iedereen altijd en overal waar. Soms wordt dit als hinderlijk ervaren, meestal gebeurt dit ongemerkt of is het gewenst. Geluid is een trillingsvorm die we met het oor waarnemen. Het is een trilling van deeltjes in de lucht. In het spraakgebruik duidt het begrip trilling meestal op een gebouw of voorwerp dat trilt. Er is een onderlinge wisselwerking. Geluidstrillingen in lucht zijn in staat de zwaarste bouwmuren in trilling te brengen. Omgekeerd veroorzaakt een trillend voorwerp of bouwdeel vaak een hoorbaar geluid.
Omdat het oor niet in staat is alle frequenties even goed waar te nemen is luchtgeluid in de praktijk beperkt tot de hoorbare frequenties. Deze liggen globaal tussen 100 Hz en 15.000 Hz, afhankelijk van leeftijd en gehoorbeschadiging. In de bouwpraktijk is geluid boven 2.500 Hz niet relevant. Deze hoge tonen worden in gebouwen goed gedempt, zelfs door heel lichte constructies. In de buitenlucht is de luchtabsorptie voor deze frequenties erg hoog.
Bij trillingen liggen de accenten anders dan bij luchtgeluid. Laagfrequent trillingen van circa 1 Hz tot circa 100 Hz zijn belangrijk voor zowel voelbare hinder als gebouwbeschadiging. Tussen circa 40 Hz en 100 Hz is een voelbare trilling in housemuziek en voor disco juist weer gewenst. Trillingen tot circa 100 Hz zijn in de praktijk moeilijk te dempen, omdat de massa van bouwdelen bij deze frequenties geen grote rol speelt. Dit verklaart de relatief grote hinder van popmuziek.
Trillingen met frequenties tussen 100 en 2.500 Hz zijn meestal niet voelbaar. Ze zijn wel van belang, omdat deze trillingen hoorbaar hinderlijk geluid kunnen opwekken. De eisen in het Bouwbesluit zijn met name gericht op het hoorbare gebied tussen 100 en 2.500 Hz. De eisen zijn meestal gesteld aan luchtgeluid.
Hinder van trillingen en geluid is sterk persoonsgebonden. Er zijn mensen die 's nachts door alles heen slapen en mensen die zeer snel wakker worden van geluiden. Sommige mensen vinden housemuziek pas het einde als ook het middenrif meetrilt. Anderen haken eerder af of geven de voorkeur aan een symfonie orkest, dat ook in staat is meer dan 100 dB in de zaal te produceren. Anderen genieten weer van de stilte op de hei.
Het is dus erg moeilijk criteria vast te stellen voor hinder van geluid en trillingen. Vanwege de variatie in hinder kunnen de wettelijke criteria niet voor iedereen hinder voorkomen. In orde van grootte wordt vaak een percentage van 20% van de bevolking (ernstig) gehinderden geaccepteerd. Terugdringen van dit percentage met bijvoorbeeld 10% kan al gauw leiden tot ingrijpende wijzigingen in de bouwmethode van woningbouw of planologische wijzigingen rond industrieterreinen, wegen, spoorlijnen en vliegvelden.
De zaak wordt verder gecompliceerd door verschillen in de aard van het geluid. Een constant geluid is vaak minder hinderlijk dan een wisselend geluid. Geluiden van het toilet of bad van de buurman zijn vaak hinderlijker dan zijn radio. En niet te vergeten: 's nachts is hetzelfde geluid hinderlijker dan overdag.
De privaatrechtelijke NEN 1070 classificeert de mate van bescherming tegen geluidsoverlast.
| Kwaliteitscijfer | Omschrijving | Gehinderden (indicatief) |
| K1 | Een hoge mate van bescherming en rust. Geluiden van buiten zijn nauwelijks waarneembaar. Zeer luide spraak is in het algemeen niet verstaanbaar, gewone spraak en muziek niet hoorbaar; luide muziek en feestjes wel hoorbaar maar nauwelijks hinderlijk. Loopgeluiden zijn niet storend waarneembaar en installatiegeluid slechts zelden storend. | 5% |
| K2 | Onder normale omstandigheden een goede bescherming zonder al te veel beperkingen aan bewonersgedrag. Gewone spraak niet hoorbaar, hardere spraak en muziek soms hoorbaar maar niet verstaanbaar. Zeer luide spraak en muziek, feestjes duidelijk hoorbaar, maar spraak niet verstaanbaar. Loopgeluiden in het algemeen niet storend hoorbaar. Installatiegeluiden soms storend. | 5% tot 10% |
| K3 | Bescherming tegen ontoelaatbare storing, uitgaande van een gedrags-/leefpatroon waarbij men rekening houdt met elkaar. Spraak soms waarneembaar, maar niet verstaanbaar. Zeer luide spraak verstaanbaar, harde muziek goed hoorbaar. Loopgeluiden e.d. soms storend. Ontoelaatbare storing door installatiegeluid wordt in het algemeen voorkomen. | 10% tot 25% |
| K4 | Ook bij gelijksoortige leefpatronen en aangepast gedrag, zal regelmatig storing optreden. Spraak en muziek is vaak hoorbaar. Zeer luide spraak goed verstaanbaar en muziek storend. Loopgeluiden zijn veelal hinderlijk. Regelmatig storing van installatiegeluiden. | 25% tot 50% |
| K5 | Er wordt feitelijk geen bescherming geboden tegen geluiden. Gewone spraak is vaak verstaanbaar, muziek en luide spraak, loopgeluiden en installatiegeluid veelvuldig hinderlijk. | 50% |
Tabel: Geluidsweringsklassen NEN 1070
[Bron: NEN 1070 ‘Geluidwering in gebouwen – specificatie en beoordeling van kwaliteit’]
De kwaliteitscijfers III-IV-V komen ongeveer overeen met de verschillende eisen uit het Bouwbesluit:
K3 minimum niveau Bouwbesluit
K4 ontheffingsniveau
K5 niveau bestaande bouw
Kwaliteitsniveau K3 is dit waarop het Bouwbesluit is gebaseerd (Ilu;k= 0 dB en Ico=+5 dB) en geldt dus als het minimum te behalen niveau. Kwaliuteitsniveau K2 ('Comfort' met Ilu;k=+5 dB en Ico +1- dB) komt overeen met de variabele maatregel (S407) uit het Nationaal Pakket Duurzaam bouwen. Privaatrechtelijk (via het bestek) kan de NEN 1070 aangestuurd worden.
