EU-richtlijn
Het Europees energieverbruik stijgt jaarlijks en we zijn in toenemende mate aangewezen op olie- en gasleveranties uit economisch, sociaal en politiek instabiele landen. Circa 40% van het Europese energieverbruik (én de daarmee gepaard gaande CO2-uitstoot) komt op het conto van gebouwen. Uit onderzoek blijkt dat tegen 2010 meer dan éénvijfde van de huidige energieconsumptie kan worden bespaard door de toepassing van stringentere prestatie-eisen voor nieuwbouw en ingrijpende renovaties. De Kyoto-doelstellingen zouden dan al grotendeels worden gehaald. Een nieuwe Europese richtlijn moet er voor zorgen dat de energieconsumptie daadwerkelijk vermindert.
Europa ziet in dat sterk de nadruk moet komen te liggen op minimalisering van de energieconsumptie. In dit kader moeten alle EU-lidstaten in januari 2006 de nieuwe EU-richtlijn 2002/91/EG betreffende de energieprestatie van gebouwen in hun nationale regelgeving verwerkt hebben. Doel is het energiegebruik in gebouwen, en daarmee de CO2-uitstoot in heel Europa te verminderen. De energievoorziening op de langere termijn en de onafhankelijkheid van Europa kan alleen op die manier veilig gesteld worden. Duurzame energie helpt hierbij, maar als eerste moet de vraag naar energie sterk teruggedrongen worden.
De richtlijn,gericht op alle energieconsumenten, is een cruciaal onderdeel van de strategie van de EU om haar verplichtingen in het kader van het Kyoto-protocol na te komen. Verplichtingen die in dit kader zijn aangegaan dwingen ons het gebruik van fossiele brandstoffen en daarmee de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen tot 8% beneden het niveau van 1990, tegen 2008-2012.
Circa 40% van het Europese energieverbruik en CO2-uitstoot komt voor rekening van gebouwen! Onze eisen op het gebied van verwarming, koeling, verlichting en warmwatervoorziening in woningen, op het werk en in recreatiefaciliteiten vergen meer energie dan dat van de marktsectoren vervoer of industrie afzonderlijk.
